Geluk en je mentale gezondheid

Gepubliceerd op 7 mei 2026 om 13:59

Hallo van heel lang weggeweest,

Men zou haast vergeten dat er ook nog zoiets als een blog bestaat enzovoorts met al die vrije dagen tussendoor. Ik kan niet ontkennen dat ik van de vrijheid geniet met mijn zoons' schoolvakanties mee te mogen doen. Dat was ooit anders, die vrije tijd. Overigens wilde ik gisteren officieel beginnen want zoonlief ging voor het eerst sinds 100 jaar vakantie weer naar school (grapje) echter, er kwam weer van alles tussendoor en onder de eindstreep begin je dan maar een dag later. Eerlijk gezegd is het soms iets te verleidelijk als zelfstandige om dan maar anders te plannen en nóg eerlijker gezegd werkt dat eigenlijk ook echt niet altijd even effectief, zullen we maar zeggen. But here I am, want ik wil door, moet door. Het kleine stemmetje in mijn hoofd blijft namelijk knagen. Het stemmetje dat ik mijzelf heb aangepraat. Daar wil ik niet te veel over vertellen maar het is wel de aanleiding van mijn blog van vandaag. De mentale gezondheid en wat wij onszelf eigenlijk allemaal aanpraten. Wel heel light, ik ga niet echt over mentale gezondheid uitweiden, ben geen psycholoog.

Ik lijd al denk ik iets langer dan 27 jaar aan een minderwaardigheidscomplex. Dat is eigenlijk begonnen of aan het oppervlak gedreven sinds dat ik mijn eerste fulltimebaan kreeg bij een bedrijf. Met een bazin die het levende voorbeeld van perfectie was en waar ik tegenop keek, als jonkie. En die mij vertelde, alles wat ik had geleerd qua marketing en dergelijke te vergeten. Alles ging van nul opnieuw geleerd worden in de praktijk. Alleen mijn creatieve expertise, mijn oog voor detail en mijn kunde op de computer (tegenwoordig antieke toestellen waar ik het op leerde) bleven overeind. Al het andere; bedrijfsvoering, verkoop en inkoop, de marketing op zich konden zo flats de prullenbak in. De praktijk werkt echt anders dan wat je opleiding je leert. Het was een harde leerschool, achteraf gezien, in een bedrijf waarvan de directeuren eigenlijk een beetje snobs waren. En neerkeken op anderen, het plebs, vooral het plebs dat niet in Maastricht woonde. NOTE: Mijn bazin was niet een van de directeuren!

En toegegeven, terugkomend op wat je leert en wat je kunt gebruiken in de praktijk;  mijn papiertje bestond voor een gedeelte uit Leerkracht Middelbaar Onderwijs, dus leervakken zoals vakdidactiek, onderwijskunde, pedagogiek enzovoorts, kon ik sowieso wegstrepen. Al bleek later bij het opleiden van volwassenen, voornamelijk mannen, bij een ander bedrijf waarvoor ik heb gewerkt, dat je hier en daar wel als een echte schooljuf op je strepen moest gaan staan, want wat een kinderachtig gedrag af en toe. Kinderen zijn er echt niks bij, sorry.

Maar goed, ik wijk af, want niet alleen mijn minderwaardigheidscomplex was een aanleiding van deze blog maar ook een artikel dat ik vanochtend in de krant las. Het gaat ook over een imago dat gecreëerd wordt zonder dat je daar echt daadwerkelijk invloed op hebt. In het artikel ging het over een stad, in dit geval Heerlen, waar men spreekt over: “De stad van de gescheiden wijven”. Nou, mijn mond viel echt open. Eerlijk gezegd had ik die term nog nooit gehoord en ik ben er nog wel geboren en getogen. Wat de aanleiding was deed mij nog meer verbazen. Dat in feite geïmporteerde armoede, dus mensen vanuit een andere regio in het land, gewoon naar Heerlen werden gebonjourd, van hier, zoek het maar lekker uit, in de toch al imagogeteisterde, hulpbehoevende en kwetsbare wijken van Heerlen. Zo zou je het kunnen lezen. De meneer zelf praat liever over Heerlen als “kampioen huisvesten van gescheiden vrouwen”. Klinkt toch vriendelijker, vind ik. Maar is het geen schande, hoe macht en geld de boventoon voeren en ervoor zorgen dat er op anderen wordt neergekeken, worden weggezet als een stel debielen. Mag ik dat woord eigenlijk nog typen, debielen? Dat vraag ik mij nu af?
Maar oké, dit gegeven is heel ingewikkeld. Een stad kampt met imagoproblemen onderhevig aan mediaberichten, criminaliteitscijfers en dat soort zaken.  Ik weet dat ik mijn eigen probleem vooral zelf creëer door mij kleiner te maken dan ik ben, in ieder geval kleiner dan anderen. Anderen zijn beter: want sneller, hipper, intelligenter (tussen grote aanhalingstekens), brutaler, zelfstandiger (tussen nog grotere aanhalingstekens), wijzer, socialer, doen meer voor de medemens, durven meer (dat dan weer wel).

De werkelijkheid voor mij ligt anders.
Ze, die anderen dus, zijn gewoon minder bang dan ik, minder bang om te falen of om als die duffe tut te worden weggezet, omdat je niet meer voor een baas werkt bijvoorbeeld. Dat is namelijk een status wat altijd nog heel belangrijk is. En dat is maar net hoe je het bekijkt. Ik zeg niet dat je moet stoppen met dromen en je doelen halen en werken voor een baas  maar het valt en staat wel met alles waar je waarde aan hecht. En voor heel veel mensen is dat alleen maar de uiterlijke schijn. Kijk mij shinen, met mijn weet ik wat allemaal. Maar het moet wel betaald worden en dat gaat niet als je niet werkt, voor een baas of als zelfstandige. Dat ze er krom voor liggen, moeten blijven werken om deze “dromen, plannen, enzovoorts” waar te kunnen maken of te blijven bekostigen maakt ze ook afhankelijk, van systemen. Hoe is dit fenomeen toch ontstaan vraag ik mij af? En het maakt ons niet gelukkiger, waarom doen zoveel mensen dat dan toch? Steeds meer willen terwijl je al zoveel hebt? Medelijden heb ik niet, dat zou eigenlijk een belediging zijn naar die anderen, ik voel gek genoeg een verbondenheid, want ik streef misschien ook iets na dat helemaal niet voor mij is weggelegd. Om eindelijk die ultieme vrijheid te voelen die zo ongelooflijk binnen handbereik ligt maar wordt vastgehouden door ingesleten overtuigingen. Plichtsgevoel? Dienstbaarheid? Weerstand? Ik zal er iets voor moeten loslaten om mij beter te voelen. Mijn pijn zit dieper. Ondertussen verloor ik ook nog mijn geloof in bepaalde overtuigingen waardoor ik op dit keerpunt ben beland. En nu heb ik even geen idee hoe ik dat kan weg polijsten. Wie coacht de coach zou je kunnen zeggen. 

De grootste weerstand van mij uit voel ik bij mensen die je heel uitbundig de hemel in prijzen over al je ideeën, plannen en kunde maar vervolgens nul op rekest geven. Ondertussen ligt jouw plan wat je had wel op papier bij die ander, en wat gaan ze ermee doen? Ja, en daar komt dan weer het complex om de hoek. Te bang om het terug te vragen. En eigenlijk zou ik gewoon zo brutaal als stratendrek moeten zijn zoals anderen dat ook zijn. Maar ik heb niet de sch*t aan anderen, dat is mijn probleem. Dus ik laat het. Ik laat die andere schitteren met zijn “Ei van Columbus”. Ook hier heb je oog voor detail nodig om te zien waar bepaalde personen hun zogenaamde geniale ingeving vandaan hebben. Is dat negatief afgeschilderd? Niet echt, ik ben blij dat er eindelijk aandacht is voor een breder publiek dan slechts de “elite” van een dorp.

Wat is de moraal van het verhaal denk je nu misschien?
Veel mensen kampen met een minderwaardigheidsgevoel. Ik weet dat ik niet de enige ben. Maar het is wel zo dat je zelf moet onderzoeken waar het vandaan komt en wat je eraan kunt doen. Een ander lost dit niet voor je op. Een ander kan je wel ondersteunen in het proces om je beter te laten voelen. En je kunt nog iets doen.

Want ik draai tegenwoordig mijn feiten gewoon af en toe eens om. Ja ik heb meer vrijheid omdat ik niet meer voor een baas werk maar voor mijzelf. En daarom ben ik er ook meestal als mijn kind mij nog ergens voor nodig heeft. En nee, ik heb geen moeite met de navelstreng doorknippen. Ik ben ervan overtuigd dat hij er later alleen maar profijt van heeft, van die stabiliteit. Die vrijheid die ik geniet stelt mij ook in staat om eens een ander te bezoeken, even een kijkje te nemen hoe het met ze gaat, mijn ouders bijvoorbeeld die ook een jaartje ouder worden. Of om op een ander tijdsstip dan topdrukte mijn boodschappen te halen of in een stad te zijn. Om niet afhankelijk te zijn van de schampere 20 vakantiedagen op een heel jaar wat je krijgt als je fulltime werkt in het bedrijfsleven, belachelijk gewoon, en die je dan heel zorgvuldig met je andere collega’s rondom moet plannen en schuiven enzovoorts. De vrijheid om een baaldag te nemen en liever wat klusjes thuis doet omdat daar ook alles doorloopt. Gewoon, om alles op de rit te hebben zonder dat je er stress over hebt, tijdnood, discussies enzovoorts. Dat ik gewoon een ommetje kan maken wanneer ik daar zin in heb, gewoon omdat dat kan. Of dat ik in de auto stap en naar Gelderland rij omdat mijn zusje & CO. daar wonen. Ik zou het nog vaker moeten doen, maar zij heeft natuurlijk ook een agenda. Dat gevoel is onbetaalbaar en iedere keer weer denk ik, ja, dit is toch precies wat ik wilde, na al die jaren. Gelukkig staat mijn complex niet mijn geluksgevoel in de weg. En ik hoop dat ook zo te houden. Er zullen er nu wellicht een aantal zijn die denken, ja ja, hoe dan, weet je eigenlijk wel hoe duur het leven is geworden? Ja, helaas wel ja. En ja ik heb misschien wel heel makkelijk praten klopt ook. Tenminste tegenwoordig wel ja, maar dat was ooit ook anders! Dus verspil je tijd niet, tiktak, want de klok tikt door, om dat soort vragen te stellen maar maak werk van je eigen leven, dat is al complex genoeg. Ik las vandaag ook de zin (pardon my French): soms moet je een paar keer op je bek gaan. En dat klopt ook. Gebeurt bij mij ook nog wel. En meestal kwam ik er vele malen beter uit. Sommige gewoontes zijn zo hardnekkig dat ik mij afvraag of ik ze ooit kwijtraak maar ze vormen ook een gedeelte van mij als wezen en dat is het complexe en het mooie van het leven. 

Als je mij nu zou vragen als ik dertig jaar jonger was geweest, wat had je willen worden. Zoveel, maar twee pieken erboven uit. Nog steeds een creatief vak, misschien toch die leerkracht Teken & Handvaardigheid op een middelbare school, OF, schrik niet, data-analist bij de politie. Laat mij maar uitpluizen, zoeken en de diepte ingaan. Aaaahhhh, heerlijk dat gedroom.

Ik  wens je nog een fijne dag.

Liefs

Tamara
 

Reactie plaatsen

Reacties

Helga
6 uur geleden

Mooi geschreven ik lees het altijd graag.
Liefs Helga.😘